Aanpak
Hoe we van een sensor in de slaapkamer tot een uitkomst komen
Schimmel groeit op een plek die voor een lange tijd te vochtig is. Of dat gebeurt, hangt af van drie zaken: hoeveel vocht er in het huis komt, hoe snel de lucht in de ruimte ververst, en hoe koud de koudste plek in de kamer wordt. Alle drie kun je uit een meting halen wanneer deze meting lang genoeg duurt en variabelen zoals het buitenklimaat hierin meegenomen kunnen worden. Hieronder staat in grote lijnen wat Woongezond doet.
Een sensor die we zelf hebben ontwikkeld
We hebben een eigen sensor ontwikkeld. Hij past in een hand en volgt het binnenklimaat van een kamer de hele dag door: hoe vochtig het is, hoe warm het is, welk CO₂-niveau gemeten wordt en hoe snel de lucht ververst. Hij hangt in de slaapkamer, omdat bewoners daar in de regel minimaal acht uur per dag aanwezig zijn. Regelmatig slapen bewoners met het raam dicht, waardoor vocht en CO₂ hun eigen gang kunnen gaan. Na de badkamer is de slaapkamer de plek waar het vaakst schimmel zit. De sensor wordt geïnstalleerd door de corporatie en na de meetperiode teruggestuurd per post door de bewoner. Verder hoeft er niets te gebeuren.
Woongezond gebruikt data van het buitenweer per uur, zodat we kunnen zien welk deel van het vocht van binnen komt en welk deel van buiten.
Drie dingen die we uit de meting halen
Luchtwisseling
Hoe snel de lucht in de kamer ververst en wanneer er een raam opengaat. Dat zegt iets over de ventilatie van de woning én over het gebruik ervan.
Vocht op de koudste plek
Midden in de kamer is het zelden het probleem, in de hoek achter de kast wel. We schatten hoe vochtig het daar wordt, nacht na nacht. Boven de 80 procent kan schimmel gaan groeien.
Vochtproductie
Hoeveel vocht het huishouden zelf toevoegt met koken, douchen, de was en ademen. Wanneer een lege of goed geluchte kamer toch te vochtig blijft, dan heeft het vocht een andere oorzaak.
De rekenregels hierachter bouwen op bouwfysica die al tientallen jaren bestaat en op het model dat internationaal het meest wordt gebruikt voor schimmelgroei op bouwmaterialen. Wij passen dat maandenlang per woning toe en brengen het terug tot één uitkomst. Hoe goed dat in echte slaapkamers klopt, zien we deze winter wanneer we de uitkomsten naast inspecties leggen. De volledige methode delen we met pilotpartners en met iedereen die onze aanpak beoordeelt.
De uitkomst in vijf woorden
Een corporatie heeft weinig aan specifieke momentopnames binnen de woning, de bewoner niets aan een overzicht van meerdere woningen. Daarom zien beide partijen wat voor hen van belang is en wat zij kunnen doen om het leefklimaat en de staat van de woning te verbeteren. We wijzen geen schuldige aan, maar sturen op adviezen waar partijen ook echt wat mee kunnen. Als de bewoner vaker moet luchten voor betere luchtkwaliteit, wordt dat duidelijk, en als de corporatie bouwkundig moet ingrijpen ook. Partijen willen allebei een gezond en droog huis. De uitkomst zegt waar de oplossing ligt.
- Woning
- De koudste plek wordt nat terwijl het huishouden normaal ventileert en weinig vocht maakt. De oplossing zit in het gebouw: isolatie, een koudebrug, de ventilatievoorziening.
- Bewoning
- De woning is in orde, maar er komt meer vocht in dan eruit gaat. Een ingreep aan de woning lost dat niet op. De bewoner krijgt eerst advies van ons, en de meting laat zien of het helpt. Is dat na een tijd niet genoeg, dan kijkt de corporatie alsnog naar de woning.
- Beide
- Een koude woning én veel vocht. Dit komt het vaakst voor, en beide partijen kunnen er iets aan doen.
- Buitenlucht
- Het is buiten zo vochtig dat luchten even niet helpt. In dit geval wordt de bewoner hierover geïnformeerd en wordt dit gegeven meegenomen in de meetresultaten.
- Vochtbron
- Een lege, geluchte kamer blijft nat. Dat wijst op lekkage of optrekkend vocht en daar moet urgent naar gekeken worden.
Woorden als gebrek, aansprakelijk en bewijs gebruiken we niet. Een te koude muur noemen we gewoon zo. Wat dat juridisch betekent, laten we aan de partijen zelf. De meting zegt iets over het risico en de mogelijke oorzaak; een diagnose of een uitspraak is het niet.
Wie ziet wat
Uit dezelfde meting maken we drie schermen, en hoe verder iemand van de woning af staat, hoe grover het beeld wordt.
De bewoner ziet alles over de eigen woning, op de telefoon en in gewone woorden.



Ziet wel
- Hoe fris, vochtig en warm het nu is
- Elke nacht terug, en wat hielp
- De kans op schimmel deze winter
- Advies, en melden wat er gebeurde
Ziet niet
- Andere woningen of bewoners
De corporatie ziet per woning één oordeel per week, en welke woningen eerst aandacht nodig hebben.
Overzicht
Week 42 · 13 – 19 oktober · stookseizoen
Deze week
3 woningen hebben een hoog risico, waarvan 1 al drie van de vier weken. Verder 4 open meldingen, 5 nametingen en 1 sensor die niets laat horen.
64 woningen gemeten in 3 complexen · 54 laag · 7 verhoogd · 3 hoog
Eerst aandacht
volgorde: risico, de laatste weken, vergelijkbare woningen · klik een woning voor de details · hele werklijst (64) →| Woning | Risico · laatste 8 weken | Waar het aan ligt | Status | Volgende stap |
|---|---|---|---|---|
| W-014Molenwijk · 1965 · woonkamer | Hoogalarm | Woning · koude hoek | Melding open · dag 12 | Koudebrug isoleren |
| W-031Molenwijk · 1965 · slaapkamer | Hoog | Woning en bewoning · ventilatie | Ingreep gepland 4 nov | Rooster + advies |
| W-009Molenwijk · 1965 · slaapkamer | Hoog | Woning · ventilatie | Nieuw deze week | Mechanische afzuiging nakijken |
| W-022Parkflat · 1978 · kinderkamer | Verhoogd | Bewoning · vochtproductie | Advies loopt · wk 3 | Bewoner krijgt advies |
| W-047Parkflat · 1978 · slaapkamer | Verhoogd | Woning · ventilatie | Geen melding | Ventilatiebox controleren |
Uw bezit op de kaart
per complex · aandeel verhoogd of hoog- onder 10%
- 10–20%
- 20% of meer
- woning met hoog risico
- clustersignaal
Dit seizoen tot nu
t.o.v. vorig jaarWaar het aan ligt
10 woningen verhoogd of hoog- Woning 5
- Beide 3
- Bewoning 2
Bij bewoning krijgt de bewoner advies in de app; u ziet alleen of dat loopt.
Effect van ingrepen
afgelopen 12 maanden8 van 10
woningen bleven na de ingreep acht weken droog. 2 krijgen een tweede ronde.
Per complex
aandeel verhoogd of hoog · tegenover vorig seizoen| Complex | Bouwjaar | Label | Woningen | Trend | ||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Molenwijk cluster | 1965 | E | 22 | 23% | ↑ 6 | |
| Parkflat | 1978 | C | 18 | 11% | ↓ 3 | |
| De Hoven | 2004 | A | 24 | 4% | = 0 |
Molenwijk: 5 van de 22 woningen worden al drie weken vochtiger, in verschillende woningen tegelijk. Dat wijst eerder op de ventilatie van het gebouw dan op één huishouden.
Voorbeeld met verzonnen gegevens. Zo bouwen we het overzicht uit; de werklijst met weekoordelen draait al.
Ziet wel
- Risico per woning per week: laag, verhoogd of hoog
- Of het aan de woning, de bewoning of allebei ligt
- Het verloop over de weken, en een melding bij een langdurig hoog risico
- Per complex en bouwperiode hoe het ervoor staat
- Eén woning opzoeken bij een klacht, met de meting bij de start ernaast
Ziet niet
- Meetwaarden en tijdstippen
- Wanneer iemand thuis is, doucht of kookt
- Namen of e-mailadressen
De gemeente ziet de stad: per wijk, bouwperiode en soort verhuurder, altijd over minstens tien woningen.
Stadsmonitor
Oktober 2026 · stookseizoen 2026–2027
In oktober heeft 21% (±3) van de 650 gemeten woningen een verhoogd of hoog risico op schimmel; vorig jaar in dezelfde maand was dat 24%. Bij 55% daarvan speelt de woning zelf mee.Gemeten, niet gemeld. Alleen groepen van minstens tien woningen; Havenkwartier heeft er nog te weinig.
Per wijk · aandeel verhoogd of hoog
groepen onder 10 woningen worden niet getoond- <10%
- 10–20%
- 20–30%
- 30%+
- te weinig
Waar het aan ligt
bij verhoogd of hoog- Woning 38%
- Beide 17%
- Bewoning 24%
- Onbekend 21%
Bij meldingen bleef de oorzaak in 2024 bij 45% onbekend; met een meting is dat 21%.
Wat opvalt
- Oud en slecht label: vóór 1945 met label E–G zit op 37%.
- Molenwijk en Binnenstad blijven het hoogst, maar dalen (−4 en −2 pt).
- Particuliere huur scoort slechter (28%) dan corporaties (17%), met een grotere marge.
Wijken
hoogste aandeel eerst · alleen wijken met minstens tien woningen| Wijk | Woningen | Verhoogd of hoog | Vorig seizoen | Oorzaak in de woning | |
|---|---|---|---|---|---|
| Molenwijk | 112 | 34% ±7 | 38% | 66% | |
| Binnenstad | 96 | 31% ±8 | 33% | 61% | |
| Westwijk | 88 | 27% ±7 | 30% | 55% | |
| Bloemenbuurt | 61 | 22% ±8 | 21% | 57% | |
| Noorderveld | 74 | 18% ±7 | 22% | 48% | |
| Parkzicht | 83 | 9% ±5 | 12% | 40% |
Verloop
vorig seizoen dit seizoenBouwperiode
met margeEnergielabel
met margeProgramma-effect
GemetenIsolatie Molenwijk 2025: verhoogd of hoog van 38% naar 14%, gemeten in 40 woningen voor en na. Na een ingreep blijft 78% acht weken droog.
Naar de onderbouwing →
Voorbeeld met verzonnen gegevens. Dit overzicht bouwen we samen met de eerste gemeente. Op een telefoon kun je het scherm opzij schuiven.
Ziet wel
- Aandeel woningen met verhoogd of hoog risico, met marge
- Per wijk, bouwperiode en soort verhuurder
- Waar het aan ligt: woning, bewoning of allebei, als groep
- Het verloop per maand, en na een aanpak
Ziet niet
- Adressen of losse woningen
- Welke corporatie of verhuurder
- Groepen kleiner dan tien woningen
Zo past het in het werk van een corporatie
- Bij de mutatie. De opzichter hangt de sensor op bij de sleuteloverdracht en koppelt hem met een QR-code. De nieuwe bewoner krijgt een kaartje met wat er gemeten wordt en wat de corporatie wel en niet te zien krijgt. Via de QR-code kan de bewoner inloggen in de app.
- Of na een klacht. Een inspecteur gaat op locatie kijken, of de aangeleverde foto's van de bewoner zeggen genoeg. Zoals dit in de huidige situatie ook gaat, zal de zichtbare schimmel snel weggewerkt worden. Hierna wordt de sensor opgehangen en na een periode meten is duidelijk of een bouwkundige ingreep nodig is of dat de eerste stap bij de bewoner zelf ligt.
- Drie tot vier maanden meten. Metingen in het stookseizoen geven het beste inzicht. Meten we in de zomer, dan doen we op basis van de data een voorspelling voor de koudere maanden. We vermelden dat bijvoorbeeld koude plekken dan nauwelijks zichtbaar zijn.
- Uitkomst en advies. De corporatie ziet de gegevens per woning per week: risico laag, verhoogd of hoog, en of het aan de woning, de bewoning of allebei ligt. Op termijn beschikt de corporatie over een overzicht per complex en/of portefeuille. De bewoner krijgt persoonlijk advies per dag over hoe het gedrag kan helpen voor een gezonder woonklimaat en op welke momenten luchten het meest effectief is.
- Ingreep en nameting. Na een maatregel of een advies blijft het apparaat nog een aantal weken tot maanden meten. Zo wordt duidelijk of de maatregel of het advies het gewenste resultaat heeft. Wanneer dit het geval is, kan de woning in het overzicht opgenomen worden als laag risico en kan de eventuele klachtmelding afgesloten worden.
- De portefeuille. Op termijn ziet de corporatie welke woningen en complexen eruitspringen, en of er bepaalde types extra risicovol zijn. Op deze manier kan er gestructureerd gestuurd worden op het portefeuillemanagement wat betreft schimmelproblematiek.
Wat de sensor op zichzelf niet kan: de temperatuur van de muur zelf meten, een lekkage of optrekkend vocht aantonen, of iets zeggen over een kamer waar hij niet hangt. Dat zetten we er ook in het rapport bij.
Waar het draait
- De sensor en de firmware zijn van onszelf. Elk apparaat heeft een eigen sleutel en een versleutelde verbinding.
- Ook het platform is van ons en draait op een server in de EU. Wat de bewoner, de corporatie en wij te zien krijgen, is in de database zelf gescheiden en niet alleen in de app.
- AI gebruiken we om dingen uit te leggen en foto's te beschrijven, niet om de uitkomst te bepalen.
- De bewoner krijgt de app en korte berichten op de momenten die hij of zij zelf kiest, de corporatie de weekuitkomst en op termijn het beeld van de portefeuille, en de gemeente een kwartaalrapport en een filtertool.
Vragen over de techniek of de methode? Stuur ons een bericht.